Rustig aan

Vandaag was het zo warm dat de vogels niet floten in het bos. Wat wel hoorbaar was, was het gezwoeg van vijf mannen over bospaden. Een klaverbladtraining stond op het programma. Beginnen op een bepaald punt, een lusje maken (vier verschillende) en dan terugkomen op hetzelfde punt voor een kort stukje wandel-dribbel.

Ondanks de temperatuur werd er door de meesten flink doorgelopen en een iemand liep zelfs helemaal paars aan in het gezicht. Ik niet dus. Ik deed het rustig aan. Ik had nog last van een ongewillige Achillespees aan de linker voet. Had ik dat niet gehad, dan was ik niet eens meegegaan naar het bos, maar had trouw mijn 200tjes op de baan gedaan. Echter, de blessure was juist op de baan ontstaan, toen ik donderdag rustig aan trainde.

Een geluk bij een ongeluk was wel dat ik vandaag geen last van duizelingen had, wat ik de afgelopen drie weken dus wel had. Ik denk dat het kwam door een virus dat ik tijdens het reizen tussen thuis en een wedstrijd opgelopen heb.

Enfin, het was de bedoeling om 35 minuten het klaverblad te lopen, maar de meesten waren het na 20 minuten al zat. Te diep gegaan voor de temperatuur. Dan was mijn keuze om het rustig aan te doen toch niet zo gek. Om niet te vroeg terug bij de atletiekbaan te komen, werd besloten om een omweg van 10 minuten te maken, in de vorm van een duurloop.

Eenmaal terug op de atletiekbaan heb ik meteen een droog shirtje aangedaan, mijn spullen bij elkaar gepakt en ben naar huis gegaan. Thuis heb ik oefeningen gedaan, gedouched en ijs op mijn Achillespees gelegd, in de hoop dat ik overmorgen voldoende hersteld ben.

Die 10 km van 12 juli begint steeds onwaarschijnlijker te worden. Herstel is belangrijker dan wedstrijden lopen.

Dit zijn momenten dat hardlopen niet zo leuk is. Ik loop liever voluit in een wedstrijd dan die slome gedoe om je pezen te sparen en te herstellen na een griepje.