Roosendaal 2014

Terwijl ik vorig jaar meedeed aan de halve marathon van Roosendaal, had ik dit jaar besloten om de 10 km afstand te proberen, vanwege de verwachte warmte. De laatste keer dat ik de 10 km liep was in 2001, aan het begin van mijn hardloopcarrière. Toen ging het in 43 minuten en 49 seconden. De omstandigheden waren ongetwijfeld vergelijkbaar, omdat het meestal boven de 20 graden is eind juni.

Vooraf had ik het rustig aan gedaan, aangespoord door iemand in mijn loopgroep die stelde dat ik genoeg snelheid had voor een 10 km in 42 minuten. Ik zou op zijn minst een serieuze poging doen door uitgerust aan de start te verschijnen. Helaas gaat rustig aan doen me niet goed af. Ik voel me ellendig en eet veel te veel. Normale verschijnselen, weet ik, maar even goed niet leuk om door heen te gaan.

Nadat ik mijn startnummer had opgehaald in het Kellebeek College, liep ik naar de start op de Markt, samen met 3000 andere lopers. Het zou een gecombineerde start voor de 10 km en halve marathon worden. Ik mocht in het voorste vak staan voor de wedstrijdlopers. De niet-gebonden lopers stonden in een groot derde vak, de bedrijfslopers in het tweede vak. Na de gebruikelijke opbouw van suspense door de microfonist mochten we eindelijk weg.

Ik had bewust alleen het gemiddelde tempo op mijn horloge staan en besloten om er alleen naar te kijken tijdens het passeren van de kilometerpunten. De eerste kilometer ging redelijk ontspannen in 4:13 min/km. Ik werd links en rechts ingehaald door lopers uit het tweede en derde vak, maar niet zoveel als ik verwacht had. Na het 2 km punt had ik nog zo’n 4:17 min/km gemiddeld staan en begon lopers in te halen die meer vooraan in het vak stonden en aan de halve marathon deelnamen. Na het 3 km punt zag ik dat mijn tempo gestegen was boven de 4:18 min/km. Het werd tijd om even aan te zetten. Ik begon nu langzaam meer lopers in te halen. Na de splitsing tussen de halve marathon en 10 km was het nog een paar honderd meter tot het keerpunt, tegelijkertijd het 5 km punt. Ik zat weer op 4:18 min/km gemiddeld, goed voor 43 minuten als de GPS er niet al te veel naast zat (bleek later 130 m meer aan te wijzen dan 10 km).

Op de terugweg hadden we een lichte tegenwind, maar niks dramatisch in mijn beleving. De afkoeling van het briesje maakte dat ik telkens even aanzette als we wind van voren hadden. Ik voelde ook een sterke neiging om langzamer te lopen, die voor mij een aanwijzing was dat ik goed bezig was (licht in de verzuring). Toch zakte het tempo in de zevende kilometer met pakweg 12 s/km. Mezelf streng toesprekend dat dit toch echt een wedstrijd was, kon ik mezelf herpakken en het tempo terugbrengen. De achtste en negende kilometer was dus pijn lijden en vol houden.

Roosendaal 22 juni 2014
foto door Léonhard van Egeraat

In de negende kilometer had ik al iemand gezien die ik eerder had gezien bij een 5000 meter op de baan, ook in Roosendaal, twee weken eerder. Ik kwam langzaam dichterbij en in de laatste 500 m besloot ik haar in een sprint voorbij te gaan. De straat-BBQ schoot even in het verkeerde keelgat (had even geen lucht), maar gelukkig was ik niet de enige. Met de finish in zicht zette ik het weer op een lopen (3:18 min/km) en drukte mijn knopje in. Mijn bruto eindtijd was net onder de 44 minuten.

Mijn netto eindtijd was 43 minuten en 43 seconden, een M50 PR en voor mij tevens een parcoursrecord (sneller dan in 2001).

Ja, het was zwaar, maar te warm was het voor mij zeker niet. Mijn vorige snelste tijd dit jaar op de 10 km was in Papendrecht onder heel andere omstandigheden (storm, regen, koel) en toch 57 s langzamer. Een flinke opsteker dus!

Bedankt voor het lezen en loop ze!

P.S. Ik was de stats vergeten:

  • wedstrijd 10 km in 43m:43s (4:22 min/km), 198 st/min
  • … eerste helft in 21m:51s (4:22 min/km)
  • … tweede helft in 21m:52s (4:22 min/km)
  • … GPS splits per km:
    4:13, 4:16, 4:23, 4:18, 4:21 min/km
    4:16, 4:20, 4:30, 4:21, 4:12 min/km
  • … beste tempo 250 m voor de finish, 3:18 min/km (18,2 km/u)
  • Garmin Connect