Vlietloop Oud Gastel 2019

Op Koningsdag organiseerde ’t Veerke uit Oud Gastel hun jaarlijkse Vlietloop, met een 5 km trimloop en een gecombineerde 10 km en halve marathon. Dit jaar waren de weersomstandigheden gemengd. Enerzijds was de temperatuur ideaal (cijfer 8 van het KNMI) voor hardlopen, maar er stond een stevige windkracht 5 à 6. Vooral in de vlakke polder bleek dat laatste een hindernis, terwijl je in het dorp genoeg beschutting kon vinden tussen de huizen.

start 5 km trimloop

De gecombineerde start van de 10 km en halve marathon was om 14.30 uur. Er waren twee startvakken, maar eenieder mocht voor zichzelf uitmaken waar hij of zij startte. Het was dat de deelnemers niet omver gelopen zouden worden door snellere lopers in de eerste paar honderd meter. Het eerste lusje was 800 m in het dorp, met een doorkomst op de markt. We liepen in de richting van de kerk (andersom dan bij de 5 km). Ik startte bewust rustig aan, zodat ik rond de 4 minuten netto zou doorkomen (5:30 min/km). Dit zou een testwedstrijd worden, geen ultieme prestatie. De opdracht was zo vlak mogelijk lopen.

In de tweede ronde bleven we binnen het dorp, langs de buitenwijken, waardoor we nog redelijk beschut van de wind liepen. Hierdoor kon ik het tempo makkelijk handhaven en ging zelfs ietsje te snel. Voor een wegwedstrijd was het echter zeer vlak (6 s/km sneller dan 5:30 min/km). Na de tweede ronde (die circa 3,4 km lang was) kwam ik door op de markt in iets minder dan 23 minuten netto.

De derde ronde is waar het zwaar zou worden. Op de Relleweg, richting het Mark-Vlietkanaal, hadden we wind op kop. Hier zag ik lopers snelheid verliezen. Ik had een opdracht en daar hield ik me aan. Ik moest wel flink aanzetten terwijl ik een aantal lopers passeerde die hun eigen wedstrijd liepen. De Gastelse Dijk op was even een pittig klimmetje, met die wind schuin tegen en ik moest enigszins tijd prijsgeven. Niet dat ik me zorgen maakte, want er kwam nog een stuk met wind achter, terug naar Oud Gastel. Vermoeiend was het wel. Op de Veerkensweg mochten de lopers links lopen, want de halve marathon lopers die hun vierde ronde liepen kwamen ons tegemoet. Ik deed het hier bewust rustiger aan, maar toch bleef het tempo rond de 5:25 min/km. De derde ronde was bijna 6 km lang en ik kwam door in iets meer dan 55 minuten netto na 10,2 km hardlopen. Hier finishten de 10 km lopers.

Ik werd in het laatste stukje van ronde 3 aangemoedigd door een 10 km loper, maar ik liet hem gaan met de opmerking dat ik bezig was met de halve. “Dan ben je goed bezig,” was zijn antwoord en ik dacht dat hij gelijk had, maar zei verder niks, omdat het niet gaat over wie wat presteert op het niveau waarop ik liep (geen kans op een plek bij de eerste tien). Mijn wedstrijd was nog niet eens op de helft, maar mijn benen voelde wel al behoorlijk “vol” na al dat boksen tegen de wind. Het zou een gevecht tegen vermoeidheid worden, niet tegen andere hardlopers.

De laatste ronde was het koningsnummer onder ronden. Zoals eerder vermeld, liepen we het dorp uit over de Veerkensweg, richting het Mark-Vlietkanaal, met de wind tegen. Langs het kanaal lopend viel het gelukkig mee, want er was alleen zijwind. Ergens tussen het 13 en 14 km punt was er een waterpost en daar moesten we het 5 km mee doen. Hiervoor waren er vaker waterposten geweest, maar nu moesten we het echt 5 km volhouden zonder drinken en nog wel op het zwaarste stuk. Bij het industrieterrein in Roosendaal (Borchwerf) had de wind vrij spel, duidelijk te zien aan de windmolens, die geplaatst waren voor een goede reden (veel wind). Na ruim een kilometer beuken tegen de wind was ik blij dat ik de bocht om mocht, met de wind schuin achter en langs het kanaal. De drankpost was zeer welkom en ik verloor er wat tijd, maar niet al te veel. Zaak was om het tempo constant te houden, ondanks de nu wel zeer zware benen en pijntjes in de lies en bilspieren. Eenmaal op de Veerkensweg waren de pylonen aan de kant gezet, want er zouden geen lopers meer ons tegemoet komen voor het ingaan van hun vierde ronde. Met de wind achter haalde ik verloren tijd in (seconden weliswaar, maar toch). Hier kwam al die training van de afgelopen 4 weken duidelijk goed van pas. Er kon in de laatste kilometer zelfs nog een milde versnelling in het tempo vanaf (5:10 min/km, 20 s/km sneller dan het richttempo).

Ik finishte in 1u 54′ 09″ netto. De afstand was volgens mijn GPS meting minder dan een procent korter dan een halve marathon, wat voor GPS (± 2% nauwkeurig) acceptabel is. Het parcours was niet gecertificeerd. Ik was stijf, moe en had honger (ik had nog niet gegeten die dag). Gelukkig mocht ik mee terugrijden met Spado-leden (door een misverstand was ik met het OV naar Oud Gastel gekomen, in plaats van met de auto te carpoolen).

De cijfertjes

Als ik de GPS afstand bij de doorkomst en finish combineer met de officiële tussentijden, dan krijg ik de volgende tijden en tempo’s per ronde

  • 1e ronde: 0,78 km in 4:18 min
    netto 4:02 min (5:31 min/km)
  • 2e ronde: 4,19 km in 22:42 min
    3,41 km in 18:24 min (5:24 min/km)
  • 3e ronde: 10,14 km in 55:20 min
    5,95 km in 32:38 min (5:29 min/km)
  • 4e ronde: 20,98 km in 1:54:09 uur
    10,84 km in 58:49 min (5:26 min/km)

Mijn splits per km en per 5 km zijn als volgt (op basis van GPS):

  • 1e 5 km in 27:07 min (5:25 min/km)
    5:23, 5:28, 5:22, 5:31, 5:23 min/km
  • 2e 5 km in 27:18 min (5:27 min/km)
    5:28, 5:32, 5:28, 5:25, 5:25 min/km
  • 3e 5 km in 27:10 min (5:26 min/km)
    5:30, 5:30, 5:22, 5:28, 5:21 min/km
  • 4e 5 km in 27:31 min (5:30 min/km)
    5:39, 5:28, 5:39, 5:23, 5:20 min/km
  • 0,98 km in 5:04 min (5:10 min/km)

Het gemiddelde tempo was 5:26 min/km ± 1,6 s/km, wat een standaard deviatie van 0,5% inhield. Deze halve marathon was dus een zeer vlak gelopen wedstrijd, precies zoals ik gepland had, maar dan 4 s/km sneller.

bronnen: Garmin Connect, MyLaps

En nu verder…

Het richttempo voor de volgende halve marathon (en de voorbereiding erop) is nu 5:26 min/km, 4 s/km sneller. Veel hoef ik de training dus niet aan te passen. De snelheid op de halve marathon is nog wat onder de maat als ik het vergelijk met wat ik doe op een (vlakke) 10 km wegwedstrijd. Dat blijft dus waar ik aandacht aan mag blijven besteden (tempo-hardheid). Het is geen verrassing, want daar was ik al mee bezig sinds begin april.

De Groene Halve Marathon in Delft is over drie weken, op 19 mei 2019. Dat is een trimloop, geen wedstrijd. Toch hoop ik stilletjes dat ik er een sneller tempo kan neerzetten. Door werkzaamheden is het parcours dit jaar aangepast. Dat kan betekenen dat de afstand niet correct zal zijn. Omdat het een trimloop is en ik er een testloop van maak (constant tempo) is dat niet zo heel erg. Mijn hoofddoel voor de eerste helft van dit jaar blijft de halve marathon in Roosendaal, op 23 juni 2019, over 8 weken, met een richttempo (hopelijk) net onder de 5 min/km.


Bedankt voor het lezen en loop ze!

Reageer met facebook