Hardlopen in de zomer

In de drie voorafgaande weken mocht ik voor de laatste drie keer op de baan trainen en in laatste twee weken af en toe helpen bij het slopen van de baan. Als ieder volwassen lid een uurtje had meegeholpen, was de klus al voor die tijd geklaard. Helaas was de bereidheid om flink wat geld te besparen voor de vereniging laag. Sterker nog, ik hoorde dat sommigen met elkaar elders hadden afgesproken om te trainen, zodat men niet gevraagd kon worden om te helpen. De apathische en zelfs vijandige houding verklaart waarom het bestuur moeite heeft om vrijwilligers te vinden voor het organiseren van wedstrijden. Helaas is dit geen uitzondering. Veel verenigingen kunnen amper vrijwilligers vinden en de saamhorigheid en onbaatzuchtigheid die zo normaal was in de jaren 1970 en 1980 is omgeslagen in individualisme en zelfingenomenheid, zo lijkt het. Geen wonder dat de contributie jaar-na-jaar blijft stijgen, wat de binding van leden met hun vereniging verder doet verslechteren.

Drie weken trainen

Dinsdag 2 juli had ik te kort voor de training gegeten. Te zamen met de kneuzing in de ribbenkast maakte dat ik geen deuk in een pakje boter kon maken. Ik sloot de training daarom maar voortijdig af.

Varens langs het bospad.

De volgende dag, woensdag, ging het in vergelijking met dinsdag stukken beter. Het tempo was wat aan de trage kant, maar dat kon komen van het lopen op onverharde ondergrond en een stuk van 600 m wandelen na 6 km.

Tijdens de baantraining op donderdag 4 juli nam ik voldoende rust tussen de snelle stukken van de intervaltraining, waardoor ik redelijk snel kon hardlopen.

  • 3 series van 1200 m, 100 m dribbelen en 200 m (snel),
    5:36 min/1200 m (4:40 min/km) gemiddeld
    44 s/200 m (3:40 min/km) gemiddeld

Ik deed mijn lange duurloop in het weekend op zaterdag 6 juli, niet gepland, maar het kwam zo uit. Zondag moest ik me in de laatste 500 m tot het startpunt toch nog haasten om op tijd bij te geraken waar de loopgroep van Spado even na tien uur ’s-morgens begon met hun zondagse bosloop (met veel pauzes). Ik sloot af met een kilometer op mezelf terug naar huis. Dit was een hersteltraining.

  • 4,93 km in 31:01 min (6:18 min/km)
  • 8,07 km in 1u:01m:42s (7:39 min/km)
  • 1,07 km in 6:41 min (6:15 min/km)

Smal paadje door hoog gras.

Maandag 8 juli was ik fit genoeg voor een 10 km duurloop over de gele paaltjes route, met een aanloop- en uitloopstuk tussen thuis en de ingang van het bos. Ondanks dat ik lette op mijn hartslag kreeg ik toch nog een hersteladvies van 22 uur.

Dinsdag was de laatste keer dat ik op de baan trainde. Die baan wordt gerenoveerd en dat zal enkele maanden duren. Om 9000 euro te besparen aan kosten, mochten de hele week Spado-leden zich vrijwillig melden voor het verwijderen van diverse onderdelen van de baan en het veld. We deden onze training, ondanks dat de trainer druk bezig was met het slopen van de buizen langs de baan. Deze keer nam ik niet zoveel rust als de donderdag ervoor, waardoor de tempo’s wat rustiger waren.

  • 3 series van 1400 m, 100 m dribbelen, 200 m (snel),
    7:08 min/1400 m (5:06 min/km) gemiddeld
    49 s/200 m (4:03 min/km) gemiddeld

Drie hardlopers op een asfaltweg.

Donderdag zou er een gezamenlijke training in het bos zijn, maar de trainer had afgezegd vanwege een gebroken hand. Ik denk dat we hem een paar maanden niet zullen zien en dat we onszelf mogen trainen. We waren met zijn zessen, maar een was niet fit genoeg om te volgen en een ander moest iets regelen voor zijn ingeslagen autoruit (tas op de achterbank gezet). We liepen met zijn vieren en gelukkig wist ik een route die ruim tien kilometer lang was, genoeg voor een volle training (normaal is een bostraining ook zo lang). Er zaten wat snelle stukjes in, wat voor mij wat zwaar was, maar juist goed voor het trainen van mijn anaërobe drempel snelheid.

Op vrijdag liet ik de geplande duurloop schieten voor helpen bij het afbreken van de baan, specifiek stoeptegels verwijderen en op pallets plaatsen, niet hoger dan 10 tegels. Dat was een fikse krachttraining voor me. De volgende dag was ik behoorlijk stijf en voelde me niet in staat om verder te helpen.

In plaats daarvan deed ik op zaterdag 13 juli min of meer de gele paaltjes route in omgekeerde richting, met een aanloop- en uitloopstuk tussen thuis en het bos.

Zondag voelde ik me te moe om hard te lopen. De stijfheid was na het slepen van stoeptegels op vrijdagavond nog niet uit het lichaam. Verder had ik de hele week al tegen het rood aan gestaan op Runalyze qua trainingsinspanning.

Maandag 15 juli was de stijfheid uit mijn lichaam en voelde ik me lang niet zo moe meer. Het hardlopen ging dus van een leien dakje. Het tempo zat een paar kilometers onder de 6 min/km, terwijl mijn hartslagzone “rustig” was.

Stoeptegels op houten pallets.

Hoe anders was het dinsdag, toen ik met een clubgenoot mocht trainen, terwijl de rest ofwel in Steenbergen (baan Diomedon) dan wel elders trainde (of niet). Omdat ik het grootste deel met hem meeliep en hij vaak moest wandelen, viel het gemiddelde tempo wat hoog (lees: traag) uit. Daarentegen waren de tempo’s van de kern snel zat. De eerste twee series liep ik samen en de laatste serie in omgekeerde volgorde (400-300-200-100 m), omdat mijn spieren begonnen te verzuren.

  • 4 series 100, 200, 300, 400 m (100 m pauze, 400 m seriepauze):
    100 m in 24 s gemiddeld (4:00 min/km)
    200 m in 48 s gemiddeld (4:00 min/km)
    300 m in 1:16 min gemiddeld (4:13 min/km)
    400 m in 1:41 min gemiddeld (4:14 min/km)

Naderhand was het vrijwel meteen tegels stapelen op houten pallets, want er waren veel te weinig mensen komen opdagen. De mensen waren er wel, maar wilden na hun training pertinent niet meehelpen. Ik sliep als een roos die nacht. Ik had een goede daad gedaan en was er flink moe van.

Woensdag ging ik vroeg genoeg weg voor een rustige duurloop van circa 12 km om genoeg tijd te hebben voor wat oefeningen en daarna te helpen met de (hopelijk) laatste dag van het slopen van de atletiekbaan door vrijwilligers. Na pakweg 80 minuten tegels sjouwen zou ik immers te stijf en moe zijn om dat nog te doen. De duurloop vooraf was om een deel van een route te testen die ik ’s-donderdags kan voorstellen als we geen trainer zouden hebben en liever een duurloop van 10 à 11 km zouden doen. Ik liep deze keer twee keer verkeerd en dat is goed, want dan doe ik dat de keer erop niet.

Donderdag 18 juli was de trainer nog niet hersteld en mochten we op onszelf trainen. We waren met zijn vieren. Twee bleven op het sportpark voor de oorspronkelijke training en twee gingen naar het bos, zoals door de trainer was voorgesteld voor komende donderdagen (alle trainingen worden bostrainingen). Ik had vooraf 5 km gelopen in zo’n 31 min (6:12 min/km) en met een clubgenoot liep ik 11,50 km voornamelijk door het bos. Tegen het eind was ik behoorlijk moe en had dorst, zodat we de laatste paar honderd meter wandelden nadat ik mijn stopwatch gestopt had voor het einde van mijn training voor die dag. Ik was zo moe dat ik niet eens puf had om mee te helpen met het sjouwen van stenen voor de sloop van de baan.

Zaterdag 20 juli had het de hele ochtend en begin van de middag geregend en geonweerd, maar na vier uur was het droog en ging ik op weg naar het bos voor een duurloop van 10 km op rustig tempo. Omdat het zwaar lopen was met die benauwdheid kreeg ik een hersteladvies van wel liefst 22 uur.

Zondag stond er eigenlijk een lange duurloop van 90 minuten op mijn schema, maar omdat ik volgens Runalyze al dicht bij mijn limiet zat, wilde ik er deze dag niet al te veel overheen gaan, zodat ik volgende week niet in de problemen kom met oververmoeidheid of zoiets.


Bedankt voor het lezen en loop ze!